Vacansoleil-DCM Pro Cycling Team debuteert in Giro
Vacansoleil-DCM met internationale selectie naar Giro d’Italia (WT)
Debuut blauwgele WorldTour formatie in drieweekse koers door Italië.
Van zaterdag 7 tot en met zondag 29 mei wordt de 94e Giro d’Italia verreden. Het team van Vacansoleil-DCM neemt voor de eerste keer deel aan de eerste grote ronde van het jaar. De ploeg die zaterdag in Turijn aan de start komt bestaat uit zeven nationaliteiten: Borut Bozic (Slovenië), Matteo Carrara (Italië), Alberto Ongarato (Italië), Mirko Selvaggi (Italië), Michal Golas (Polen), Sergey Lagutin (Oezbekistan), Maxim Belkov (Rusland), Frederik Veuchelen (België) en Johnny Hoogerland (Nederland).
Sprinter Borut Bozic zal de eerste anderhalve week de belangrijkste pion zijn van de blauwgele formatie. De sprinttrein van de Sloveen met onder meer Selvaggi, Ongarato en Lagutin zal trachten net als in de Ronde van Spanje 2009 met Bozic tot etappewinst te komen. Bozic is er bijna klaar voor: “Ik heb me vanaf half april rustig voor kunnen bereiden op deze ronde en ik verwacht in de loop van de eerste week klaar te zijn om vooraan mee te doen in de massasprints.”
Voor de bergen en het klassement is Matteo Carrara de vooruitgeschoven man, de renner die in 2010 de Ronde van Luxemburg won en al eens top-5 reed in de Ronde van Zwitserland sloeg de klassiekers over in verband met zijn voorbereiding op de Giro: “Ik heb op hoogte getraind in Colombia en daarna op mijn gemak de Ronde van Romandië gereden. Mijn ambitie is een plek in de top-10 van het eindklassement. Een drieweekse vergt veel concentratie en ik ben blij dat we zo een sterk en hecht team hebben om de Giro in te gaan.”
In de Giro is Johnny Hoogerland, na de Ronde van Spanje in 2009, toe aan zijn tweede grote ronde, de Zeeuw zal een voortrekkersrol nemen binnen het team van voornamelijk vrijbuiters.
Vijf renners zijn met de Giro aan hun eerste grote ronde toe. Belkov, Selvaggi, Golas en Veuchelen debuteren zaterdag in Turijn. Ploegleiders van dienst zijn Hilaire Van Der Schueren en Jean-Paul van Poppel.